Tweede pakt laatste strohalm

Ook de zevende ronde van de KNSB-competitie was geen groot succes voor de Wageningse teams. Lichtpuntje was het tweede dat tegen PION Mook Combinatie de laatste strohalm pakte. Het eerste kampte wederom met personele problemen. Het derde kan degradatie zo goed als zeker niet meer ontlopen.

Het eerste
Het eerste heeft het hele seizoen al veel invallers nodig. Tegen Caïssa Eenhoorn was dit wederom het geval. Jethro Hartman en Rijk Timmer vulden de opengevallen gaten. Rijk behaalde zelfs een prachtige remise tegen een 2100 speler. Maar dat was een van de weinige Wageningse lichtpuntjes. Pas bij een 6-2 achterstand wisten Sander van Eijk en David van Eekhout de stand een draaglijker aanzien te geven. Met de nederlaag komt de degradatiestreep gevaarlijk dichtbij. De volgende ronde tegen Groninger Combinatie 2 zou wel eens cruciaal kunnen worden.

Caïssa Eenhoorn heeft een mooi verslag met partijfragmenten gemaakt. Lees het hier.

Het tweede
Voor het tweede stond een alles-of-niets wedstrijd in Groesbeek op het programma. Tegen PMC 1 moest er gewonnen worden, anders was degradatie haast onvermijdelijk. Qua rating waren beide teams aan elkaar gewaagd, ook op de borden ontstond een spannende strijd.

Op de hoogste borden kreeg Wageningen het meteen lastig. Jef Verwoert kon geen plan verzinnen tegen het gedegen spel van zijn tegenstander. Hij investeerde veel bedenktijd, maar moest uiteindelijk in zijn lot berusten. Ook Clemens de Vos leek geruisloos van het bord gezet te worden. De tegenstander kwam een half uur te laat, maar schoof Clemens daarna met snelle vaste hand naar een eindspel met een pluspion. Een paardoffer leek de beslissing te brengen, maar dat leverde nou juist Clemens’ laatste remisekans op. Hoewel PMC in hun verslag meldt dat de slotstelling toch gewonnen was…..

Een tweede meevaller was de remise van Eric Smaling. Aan de witte kant van een Wolga, gaf hij zijn tegenstander alle ruimte. Juist toen die kon oogsten, haperde de machine en kon Eric met een halfje ontsnappen. Toen werd duidelijk dat we de match wel eens konden winnen. Frank Taylor snoepte in het begin een pionnetje mee. De vijandelijke aanval werd vervolgens goed opgevangen en niet snel daarna was het punt binnen. Kees Stap had een zware duw-en-trekpartij. Er waren veel onderhuidse dreigingen, maar uiteindelijk resteerde een potremise eindspel. Robin van Leerdam won een pionnetje, maar dat kostte hem wel de structuur. Toen hij vervolgens zijn a-pion verloor, leek het nog spannend te worden. Maar met een actieve toren had hij genoeg tegenspel voor een remise.

Aan Martijn Naaijer en Thomas Slijper de taak om de matchpunten binnen te slepen. Martijn was daarmee een heel eind op weg. Maar op de beruchte 40e zet maakte hij een fout. De juiste loperzet had eenvoudig gewonnen, nu resteerde een toreneindspel met pluspion dat niet te winnen bleek. Thomas Slijper was al een hele middag pionnetjes aan het snoepen. Even leek het nog spannend te worden toen de tegenstander afwikkelde naar een eindspel met ongelijke lopers. Maar de drie pluspionnen van Thomas leverden toch een eenvoudige winst op.

Met de 4½-3½ overwinning heeft het tweede nu weer aansluiting gevonden bij de staart van het peloton.

Het derde
Voor het derde is het peloton na een 5-3 nederlaag tegen SV Rivierenland ver uit het zicht. Sterker nog, met louter nederlagen ploetert het team vlak voor de bezemwagen uit. Slechts een mirakel in de laatste twee ronden kan de degradatie nog voorkomen.

Het loopt nog niet echt lekker…..

In een ouderwets volle Vredehorst werd zaterdag een KNSB-ronde afgewerkt. Voor het eerst dit seizoen kropen alle vier de Wageningse teams achter de borden. Dit zorgde echter niet voor nieuw elan. Drie nederlagen en een gelijkspel zorgden er voor dat voor veel teams de degradatie aan de einder opdoemt.

Wageningen 1 – Paul Keres 1
Het eerste begroette de terugkeer van Jan Timman. Hoewel hij zelf de draad weer moeiteloos oppakte met een vlotte overwinning, hielp dat het team niet. Tegen Paul Keres leed het team een 2½-7½ nederlaag. Toch was dat geen schande, want de club uit Utrecht is de gedoodverfde kampioen. Naast Timman wist alleen Sander van Eijk te winnen. Bert Torn voegde nog een halfje toe.
Kijk hier voor de individuele resultaten.

Wageningen 2 – Paul Keres 4
Voor Wageningen 2 was het zaak om te winnen tegen een tegenstander die op papier minder was. In de praktijk viel van het krachtverschil weinig te merken. Clemens de Vos en Jef Verwoert zetten het team nog wel op een 2-0 voorsprong, daarna was de koek grotendeels op. Eric Smaling mocht nog wel een cadeautje in ontvangst nemen, maar Hans Dam en Pieter Kruit gaven dat net zo hard weer terug. Wat restte was een 3½-4½ nederlaag en een harde strijd voor lijfsbehoud.
Kijk hier voor de individuele resultaten.
Zo keek Paul Keres 4 naar de match.

Wageningen 3 – Het Kasteel 1
Tegen koploper Het Kasteel wist Wageningen 3 vooraf al dat het lastig ging worden. Toen er na nog geen twee uur spelen een 0-2 achterstand op het scorebord stond, werd het vechten tegen de bierkaai. Uiteindelijk wist alleen Co Wiersma te winnen en Cees van de Waerdt speelde remise. Na afloop bleek dat de tegenstander van Corniek le Poole nog geen twee weken lid was, dus kreeg Corniek alsnog een reglementair punt. De eindstand werd daarmee met 2½-5½ iets draaglijker, maar Wageningen 3 blijft wel puntloos onderaan staan.
Kijk hier voor de individuele resultaten.

Wageningen 4 – Nuenen 1
Het enige matchpunt van de middag werd in de wacht gesleept door het vierde. Vlotte overwinningen van Rinus van der Molen en Christiaan Zevenbergen gaven het team een comfortabele voorsprong. Ook Karin Jeuken en Wouter Bus wonnen. Bij een 4-2 voorsprong wisten Marcel Hahné en Marius Bolck hun stelling echter niet te redden. Door de 4-4 heeft het vierde echter nog wel kansen op het kampioenschap. Daarvoor moet de laatste ronde met minimaal 6-2 gewonnen worden.
Kijk hier voor de individuele resultaten.

Wageningen – Philidor 1847

Op zaterdag 5 februari 2022 werd de KNSB-competitie hervat met een thuiswedstrijd tegen Philidor Leeuwarden (in m’n hoofd heten ze nog steeds zo). Oud-clubgenoot Jan Hania is daar tegenwoordig teamleider en aangezien we af en toe nog met Hans Dam erbij trainen, kon ik hem via Whatsapp uitnodigen voor de wedstrijd. Het werd een rare ontmoeting: zij waren eerder al min of meer gedwongen hun tweede terug te trekken om een eerste op de been te kunnen houden, wij hadden door veel zieken ook maar liefst vier invallers. Dit leverde het volgende plaatje aan ontmoetingen op:

1. Marcel Vermaat (2215) – John Stigter (1875)
2. Tjerk Sminia (2096) – Jeroen Weggen (2181)
3. Jan Hania (2178) – Chiel van Oosterom (2400)
4. Bas van der Lijn (2221) – David van Eekhout (2083)
5. Jan Boersma (2062) – Erwin Oorebeek (2137)
6. Fred Jonker (2153) – Eddie Scholl (2172)
7. Auke van der Heide (1997) – Pieter de Paus (1736)
8. Co Wiersma (1754) – Leandro Slagboom (2062)
9. Erik Kruit (1876) – Cees van de Waerdt (1721)
10. Kees Stap (2101) – Harmen Visscher (1913)

Gemiddeld was Philidor dus sterker (2088 tegenover 2006), maar ja, dat zegt niet zo heel veel (als het binnen de perken blijft).

Als eerste was John klaar. Dat was al na heel wat uurtjes spelen trouwens. Ik heb eigenlijk van zijn partij niet heel veel meegekregen (lees: in de korte langsloopmomenten snapte ik er niet veel van), maar ergens ging het dus fout. Ik heb ook niet meer gehoord of de gedachte van Fred dat hij opgaf in gewonnen stelling klopte. Zal het eens navragen.

Vervolgens gingen we al richting de eerste tijdcontrole, voordat de tweede uitslag viel. Of Chiel eerder was of ik, weet ik niet, want toen ik opstond, bleek hij ook klaar. Dus laten we de 1-1 bij Chiel leggen. Hij speelde tegen “onze” Jan, die er redelijk voortvarend in ging met een snel pionoffer. Het leek mij dat dit het soort stelling was, waarmee Jan het vroeger iedereen moeilijk kon maken. Chiel vertelde achteraf ook dat hij zich wel een tijdje zorgen maakte, maar hij heeft het om kunnen draaien en scoorde de gelijkmaker. Vrijwel gelijktijdig bracht ikzelf ons op voorsprong. Mijn tegenstander was zo vriendelijk een van de weinige dingen te spelen die ik bekeken had, dus stonden de eerste zetten redelijk snel op het bord. Maar toen hij afweek met een op zich logisch schaakje, was ik op mezelf aangewezen. Ik onderdrukte mijn eerste neiging om mee te gaan in zijn gedachten (hij leek een kwal te winnen) en dat was maar goed ook, want anders was ik in het nadeel gekomen. Nu hield ik het redelijk onder controle, bleef in het voordeel en ook al doorstonden mijn zetten de toets van Stockfish zeker niet, toch wist ik twee verbonden vrijpionnen op de derde rij te creëren en dat is meestal al een toren waard.

Zeven partijen waren dus nog bezig, toen de eerste tijdcontrole echt aanbrak. Ik heb samen met de arbiter heel wat rondgelopen tussen de borden die in tijdnood waren. Ik denk dat alleen Fred klaar was voor die tijd. Hij speelde tegen Eddie Scholl, de man die ooit Nederlands kampioen werd en jarenlang teamleider van Philidor was. Het is wel heel saai om te schrijven en geeft eerder mijn onmacht aan om iets zinvols over de partij te zeggen, maar op een afstandje voelde dit als een partij die vrijwel steeds in evenwicht was. Hierna maakte Philidor weer gelijk. Pieter hield lang stand tegen Van der Heide, maar het ging toch mis. Ik zoek in mijn hoofd naar stellingsbeelden van zijn partij, maar kan die niet vinden. Sorry, Pieter, als je de lezers meer wil laten weten over je partij, zal je dat zelf moeten doen.

Hierna kwamen we weer op voorsprong via wat voelde als de mooiste partij van de match. Tjerk speelde tegen Jeroen Weggen, de speler die in mijn ogen hun theoriebeest is. Tjerk liet zich daar echter niet door afleiden en beide spelers gooiden de openingszetten op het bord. Toch voelde het al redelijk snel dat Tjerk degene was die aan de touwtjes trok met eerst een loperpaar en vervolgens een pion. Een fraai schijntorenoffer leek de beslissing al te brengen, maar zwart gaf niet op en dwong Tjerk nog tot wat nauwkeurige zetten. Die wist Tjerk wel te vinden en hij kon voor zichzelf en het team een fraai punt bijschrijven.

Met nog vier partijen te gaan dacht ik dat we zouden winnen. Cees had een goed eindspel (loper + paard tegen toren), Kees stond duidelijk beter (goed paard tegen slechte loper), David zag er hoogst onduidelijk maar misschien wel goed uit, en Co stond eigenlijk “gewoon” gewonnen.

Bij Cees bleek het toch minder goed dan gedacht. Zijn loper en paard moesten er vooral voor zorgen dat de ander niet verloren ging, en zijn koning stond eng, waarbij soms mat of stukverlies dreigde, en bovendien die koning aan de volledig verkeerde kant van het bord verkeerde. Cees had dit door en probeerde door het mijnenveld dat de vijandelijke toren opwierp, met zijn koning naar de damevleugel te snellen. Misschien had hij eerder zijn paard moeten opgeven om de witte b-pion te kunnen slaan. Want dan had met een beetje geluk de volgende remisestelling op het bord kunnen komen:

Hier speelt zwart gewoon Ka8 en op schaak Lb8 en het is pat als de toren niet van de achterste rij weggaat. Helaas had Cees in de partij in een vergelijkbare stelling hier net op b4 geslagen en stond de loper dus nog niet op de juiste diagonaal. Dus moest hij opgeven en stond het weer gelijk.

Toch hadden we nog steeds drie goede stellingen over. Tenminste, dat dacht ik. Bij David viel me pas heel laat op dat hij een pion achter stond. Soms mis je dat omdat je ogen naar een ander deel van het bord worden getrokken. Ik dacht serieus dat hij op winst speelde. Dat bleek helemaal niet zo te zijn. Hij had alles uit de kast gehaald om die pion achterstand te compenseren. De realiteit hiervan drong pas mij me door, toen hij het vertelde nadat hij had opgegeven en ik nog in de waan verkeerde dat hij de partij verblunderd had. Oeps, 4½-3½ achter met nog twee borden te gaan.

Kees stond nog steeds overwegend, maar waar moest hij er nou doorheen? Moest hij nou werkelijk één of twee pionnen gaan offeren, eventueel aangevuld met een paard, om het punt binnen te slepen? Kees probeerde het linksom, Kees probeerde het rechtsom, maar zag het niet. En vond al dat geoffer veel te onduidelijk om voor te gaan. Remise dus en 5-4 achter.

Dus waren alle ogen gericht op Co. Hij speelde tegen het grote talent van Philidor, Leandro Slagboom, die in augustus vorig jaar Nederlands Kampioen bij de jeugd tot 16 was geworden. Maar Co stond dus al een heel tijdje “gewoon” gewonnen! Toch zag het er allemaal nog eng uit. Zijn koning stond heel krap en de pogingen tot matnetjes vlogen Co om de oren. Terwijl Leandro al lange tijd enkel op zijn increment speelde, en geregeld de klok tot een seconde of 2 terug liet lopen, pakte Co rustig wat pionnetjes en begon eens met zijn vrije damevleugelpionnen aan een opmars. Leandro moest zijn aanval wel opgeven en in de verdediging. Maar ook bij de ogenschijnlijk rustige Co liep de tijd inmiddels behoorlijk terug. Co gaf zijn b-pion, maar kreeg zijn a-pion op a7. Maar Leandro deed nog een laatste aanvalspoging. Ik was erg trots op Co’s multifunctionele slotzet Pc4: niet alleen voorkwam dit een echte tegenaanval door een zwart paard een veld te ontnemen, maar tegelijkertijd dreigde die een blok te vormen tussen de zwarte toren en de vrije a-pion. Leandro zocht en keek en zocht, maar zag het niet meer en gaf op tijdens het vallen van zijn vlag. Door deze geweldige prestatie van Co werd het dan toch nog 5-5.

Al met al een gelijkspel na een heroïsch gevecht in de onderste regionen van klasse 1A. Door dit gelijkspel houden we Philidor in ieder geval wel onder ons. Dus ook al leek het wellicht lange tijd dat we zouden gaan winnen, toch is met dit gelijkspel een belangrijke stap richting klassebehoud gezet.

Erwin

Derde ronde KNSB

De derde ronde van de KNSB-competitie was voor de teams van SV Wageningen niet erg succesvol. Alleen het tweede wist te winnen, de overige teams leden vrij kansloze nederlagen.

Wageningen 1
Met aan beide zijden diverse invallers heeft het eerste het niet kunnen redden in de belangrijke wedstrijd tegen Voorschoten. Het begin was nog goed met een duidelijk overwinning van Sander van Eijk en remises van Chiel van Oosterom en Tjerk Sminia.

Maar van 2-1 voor werd het 2-7 tegen. Cees van de Waerdt en Rijk Timmer hielden het lang vol tegen hun sterkere tegenstanders, maar moesten uiteindelijk toch het onderspit delven. Fred Jonker werd opgebracht door hun sterkste speler Mees van Osch. Jeroen Franssen kwam vanuit de opening gewonnen te staan met twee pionnen voor, maar misrekende zich in een combinatie en kwam in een verloren eindspel terecht. David van Eekhout ging net op het moment dat hij dacht de bordjes te gaan verhangen, pardoes door zijn vlag.

Erwin Oorebeek had steeds de beste vooruitzichten in een ingewikkelde manoeuvreerpartij, maar zag een kwaloffer niet aankomen en kwam er niet meer aan te pas. Uiteindelijk wist Yochanan Afek de score nog iets dragelijker te maken door in de langste partij van de dag te winnen van Rosa Ratsma.

Kijk hier voor de individuele uitslagen.

Wageningen 2
Het tweede kon eindelijk op volle oorlogssterkte aantreden tegen UVS2. En dat betaalde zich uit met de eerste overwinning van het seizoen. De mannen van captain Martijn Naaijer, die zelf in Denemarken bivakkeerde, wonnen met 5-3.

Kopman Kees Stap, die de eerste twee ronden nog mee moest doen met het eerste, zette zijn team op het goede spoor. Tegenstander Ruud van de Plassche, in 1980 nog één jaar lid van Wageningen, maakte op de tiende zet al een fout. Hij liet het hoofd min of meer of hangen en op zet 25 kon Kees het punt bijschrijven. Jef Verwoert accepteerde daarna remise in een wellicht betere stelling. In de analyse kwamen allerlei wilde varianten op het bord.

Een tegenvaller was het verlies van Eric Smaling, die zich in een betere stelling liet foppen. Maar Wageningen kwam weer op voorsprong door Clemens de Vos. Met rechte rug en de borst vooruit schoof hij zijn eindspel a tempo tot winst. Frank Taylor en Robin van Leerdam konden daarna met een gerust hart remise geven, omdat het er op de resterende borden goed uitzag.

Het winnende punt werd inderdaad gescoord door Hans Dam. Onderweg won hij ergens een pionnetje, waarna hij het eindspel met vaste hand naar winst voerde. Thomas Slijper had in een lopereindspel de betere loper, maar dat leverde niet meer op dan remise.

Kijk hier voor de individuele uitslagen.

Wageningen 3
Wageningen 3 ging met 5-3 ten onder tegen UVS 3. Of eigenlijk verloren ze met 4-3, want ze traden slechts met zeven man aan. Cees van de Waerdt was namelijk afgestaan aan het eerste en op korte termijn kon er geen invaller gevonden worden.

Kijk hier voor de individuele uitslagen.

Wageningen 4
Het vierde toog naar het Brabantse Soerendonk voor een match tegen Garde 2. Het werd een dikke 6-2 nederlaag. Leen Vegter wist als enige te winnen, Gert de Leeuw en Niels van Duijl haalden een remise.

Kijk hier voor de individuele uitslagen.

Het Eerste kan het ook zonder Jan Timman

Na anderhalf jaar pauze begon zaterdag het nieuwe KNSB-seizoen. Het Eerste doet dat voorlopig zonder kopman Jan Timman. Vanwege alle coronaperikelen let hij extra op zijn gezondheid. Spelen vindt hij nog niet verantwoord. De tijdelijke afwezigheid van Timman werd goed opgevangen door zijn teamgenoten. In Enschede werd een zwaarbevochten 5½-4½ zege geboekt tegen SG Max Euwe. Uitgerekend nieuwkomer Chiel van Oosterom bracht het winnende punt op het scorebord.

Teamcaptain Bert Torn was vooraf benieuwd hoe zijn team er na de gedwongen pauze voorstond. “Wie heeft er veel online gespeeld? Wie is nog wat roestig? Dat zijn vragen waar we snel antwoord op gaan krijgen. Ik verwacht een seizoen waarin we elke match aan de bak moeten. Maar handhaving lijkt me een haalbaar doel.”

Torn kreeg gelijk. Hoewel hij zelf een veelbelovende stelling alsnog verloor, bleken veel Wageningers alert. Yochanan Afek, Fred Jonker en Kees Stap boekten een overwinning. Jeroen Franssen en David van Eekhout misten wat kansjes en moesten genoegen nemen met remise. De remise van Erwin Oorebeek tegen de Enschedese kopman was juist weer een meevaller. Na nederlagen van Sander van Eijk en Tjerk Sminia moest Van Oosterom aan de bak om de matchpunten mee naar Wageningen te nemen. Langzaam maar zeker voerde hij de druk op en slaagde hij in zijn missie.

Rating
Rating
Kroeze, F.M. (Frank) 2375 Oorebeek, E. (Erwin) 2164 ½ – ½
Konijn, B.J. (Bart) 2234 Oosterom van, C.D. (Chiel) 2395 0 – 1
Bertholee, R.C.H. (Rob) 2290 Eijk van, J.H.A. (Sander) 2341 1 – 0
Stotyn, F. (Fabian) 2216 Torn, L.H. (Bert) 2153 1 – 0
Vinke, M.A. (Maarten) 2161 Jonker, A.B. (Fred) 2150 0 – 1
Willigen van, S.W. (Sjoerd) 2095 Afek, Y. (Yochanan) 2226 0 – 1
Bolwerk, P.F.T. (Peter) 2187 Stap, C.R.M. (Kees) 2081 0 – 1
Bierenbroodspot, P. (Paul) 2095 Franssen, J. (Jeroen) 2128 ½ – ½
Postma, D. (Dinant) 2144 Sminia, T.J. (Tjerk) 2116 1 – 0
Boghossian, W. (Wahe) 1947 Eekhout van, D.A. (David) 2098 ½ – ½
Gemiddelde Rating: 2174 Gemiddelde Rating: 2185 4½-5½

Winst mooi cadeau voor jarige Jan Timman

Het eerste heeft Jan Timman een mooi cadeau bezorgd voor zijn 68e verjaardag. Tegen SG Max Euwe werd met 5½-4½ gewonnen. De jarige job trakteerde in Enschede zelf ook op een punt.

Timman bewees maar weer eens zijn grootmeesterlijke klasse en wees daarmee zijn team de goede weg. Yochanan Afek werd geconfronteerd met een op het oog gevaarlijk torenoffer. Hij hield het hoofd echter koel en de tegenstander zag het materiaal niet meer terug. Toen ook Bert Torn en Arjen van Herwaarden wisten te winnen, zag het er goed uit. Ondanks de comfortabele 4-0 voorsprong waren de Wageningers er echter nog niet gerust op. Dat bleek terecht, want nederlagen van Fred Jonker, Erwin Oorebeek en Jeroen Franssen maakten de match weer spannend.

Een meevaller was de remise van Tjerk Sminia. Hij stond lange tijd verloren, maar wist de stelling dusdanig te compliceren dat de tegenstander alsnog misgreep. Sminia kon met eeuwig schaak ontsnappen. Sander van Eijk en Kees Stap hadden de taak om de overwinning binnen te halen. Beiden kwamen in een dame-eindspel terecht. Van Eijk had een pion achterstand, maar wist met actief spel de remise in de wacht te slepen. Daarna hoefde Stap geen risico meer te nemen. Eenvoudig behaalde hij het beslissende halfje voor matchwinst binnen.

SG Max Euwe 1

Wageningen 1

Kroeze, F.M. (Frank) 2394 Jonker, A.B. (Fred) 2138 z-w 1 – 0
Vinke, M.A. (Maarten) 2181 Oorebeek, E. (Erwin) 2190 w-z 1 – 0
Miedema, R.D. (David) 2351 Afek, Y. (Yochanan) 2254 z-w 0 – 1
Konijn, B.J. (Bart) 2243 Timman, J.H. (Jan) 2517 w-z 0 – 1
Stotyn, F. (Fabian) 2210 Eijk van, J.H.A. (Sander) 2360 z-w ½ – ½
Postma, D. (Dinant) 2184 Herwaarden van, A. (Arjen) 2064 w-z 0 – 1
Bierenbroodspot, P. (Paul) 2102 Sminia, T.J. (Tjerk) 2085 z-w ½ – ½
Buendgen, A. (Achim) 2103 Stap, C.R.M. (Kees) 2092 w-z ½ – ½
Bolwerk, P.F.T. (Peter) 2177 Franssen, J. (Jeroen) 2125 z-w 1 – 0
Ellenbroek, A.J. (Ton) 2101 Torn, L.H. (Bert) 2163 w-z 0 – 1
Gemiddelde Rating: 2205 Gemiddelde Rating: 2199 4½-5½